Waar kunnen we je mee helpen?

Ben je naar iets specifieks op zoek? Vul hieronder je zoekterm in en we helpen je graag verder.

Werken 5 vragen aan

Gilijamse en Van Vliet over dagbesteding: 'Elke dag is een puzzel'

Hoe organiseer je dagbesteding tijdens corona?

Kopieer de link
Link gekopieerd naar klembord
Yvonne (links) en Desiree (rechts) geven dagbesteding bij Laurens in Rotterdam.

Net als veel andere zorgsoorten staat dagbesteding onder druk in coronatijd. Hoe gaan zorgprofessionals hiermee om? Welke creatieve oplossingen bedenken zij binnen de beperkingen van de anderhalvemetersamenleving? ActiZ stelde hierover 5 vragen aan het duo Yvonne Gilijamse en Desiree van Vliet, teamleiders van de dagbesteding bij zorgorganisatie Laurens in Rotterdam.

1

Hoe is het aanbod sinds maart veranderd?

‘Het was een grote verandering. Toen we onze dagbestedingslocaties moesten sluiten, zijn we begonnen met deelnemers en hun mantelzorgers te bellen. Sommige deelnemers werden al binnen een week in crisisstand opgenomen doordat het thuis niet meer ging zonder deelname aan de dagbesteding’, vertelt Gilijamse. ‘Normaal gesproken heb je acht crisissituaties in een jaar, nu in een week.’ ‘Daarom zijn na twee weken twee noodlocaties geopend voor cliënten en mantelzorgers bij wie het thuis niet ging’, gaat Van Vliet verder. ‘Het was voor ons een dilemma wie wel en wie niet in aanmerking kwam voor de noodopvang. We zijn hierbij uitgegaan van de kennis van onze professionals.’

‘Voor de deelnemers die thuis zaten hebben we allerlei dingen bedacht om contact te houden. Onze professionals ging op huisbezoek, we belden veel en maakten filmpjes’, vertelt Van Vliet enthousiast. ‘Ook werden boekjes rondgebracht met opdrachten voor thuis zoals puzzels, recepten, verhalen, knutselopdrachten en geheugentraining. Het verving dagbesteding op locatie natuurlijk niet, maar we zijn er zo creatief mogelijk mee omgegaan.’

2

Hoe geven jullie dagbesteding op 1,5 meter vorm?

‘Het was een grote opluchting voor zowel deelnemers, mantelzorgers als onze professionals toen we weer open mochten’, vertelt Gilijamse. ‘We zaten gelijk weer vol doordat deelnemers stonden te springen om weer te komen. De groepen zijn nu minder groot omdat de deelnemers meer afstand moeten houden. In het weekend zijn we extra opengegaan om meer plek te creëren.’

Gelukkig is iedereen inmiddels gewend aan het vele handenwassen en het dragen van een mondkapje’, vult Van Vliet aan. ‘We blijven nu wel met de deelnemers in onze eigen ruimte en zingen niet meer. Je merkt wel dat deelnemers de kleinere groepen en de afstand minder gezellig vinden. Ook voor mensen die verder in hun dementieproces zitten is het ingewikkeld. Ondanks de maatregelen hebben we een werkbare vorm gevonden door alle activiteiten zoveel mogelijk door te laten gaan, alleen met afstand.’

3

Hoe zijn jullie omgegaan met de emoties die door de veranderingen bij cliënten spelen?

‘Er is maar een klein groepje deelnemers die uit angst niet naar de dagbesteding komt’, vertelt Van Vliet. ‘Hoe goed we alles ook inrichten, we kunnen niet voor 100 procent garanderen dat er geen besmetting is. We doen er alles aan om het virus buiten te houden en zetten in op goede hygiëne, maar er blijft altijd een risico.’

'Gelukkig zien we wel dat hoe langer de crisis aanhoudt, hoe meer mensen terugkeren naar de dagbesteding’, gaat Gilijamse verder. Maar je ziet wel dat deelnemers erg achteruit zijn gegaan, zowel geestelijk als lichamelijk. ‘Deelnemers en hun mantelzorgers die angstig zijn proberen we vooral veel te bellen om uit te leggen wat voor maatregelen we nemen en te bespreken of het thuis nog gaat. Het is jammer dat we de mantelzorgers zo weinig kunnen zien, want via de telefoon is het toch moeilijker in te schatten hoe het met iemand gaat, maar we blijven bellen!'

4

Hoe gaan collega’s met deze verandering om?

‘De medewerkers gingen er flexibel mee om. Veel hebben geholpen op de cohort-afdelingen of in de verpleeghuizen’, vertelt Gilijamse. ‘Dit was heftig maar resulteerde ook in een leuke kruisbestuiving waar medewerkers van verschillende locaties van elkaar hebben geleerd. Aan sommigen werd zelfs gevraagd of ze konden blijven.’ Maar niet alles is positief, vertelt Van Vliet. ‘Het is een klus om de dagbesteding te organiseren qua personeel op dit moment. Elke dag is een puzzel. Er is een hoog verzuim door coronabesmettingen, maar ook door uitgestelde operaties, uitputting of stress. We plannen onze oproepkrachten fulltime in, maar weten niet hoe lang dit nog is vol te houden.’

5

Wat heeft de coronatijd jullie gebracht?

‘Wij roepen al jaren hoe belangrijk dagbesteding is’, zegt Van Vliet. ‘Toen de vele crisisopnames tijdens corona duidelijk maakte dat veel mensen niet zonder dagbesteding konden, zag onze organisatie hoe belangrijk dagbesteding is voor onze mensen. De structuur op zo’n dag is heel belangrijk en wij doen meer dan mens-erger-je-niet en koffie drinken. Door dagbesteding kunnen mensen uiteindelijk langer thuis wonen. Daarnaast hebben onze collega’s die tijdelijk op andere (cohort)afdelingen hebben gewerkt, ook laten zien dat wij op een andere manier met het welzijn van cliënten omgaan. We denken dat dit voor meer verbinding en beter samenwerking tussen de dagbesteding en verpleeghuizen zorgt. Het is mooi dat het belang van de dagbesteding nu nog meer wordt erkent.’