Waar kunnen we je mee helpen?

Ben je naar iets specifieks op zoek? Vul hieronder je zoekterm in en we helpen je graag verder.

Aanbevolen

Quote
Werken leestijd 1 min

Een wet met goede bedoeling, maar minder goede gevolgen

Een opiniestuk van Angelique schuitemaker, voorzitter van de ActiZ themacommissie Arbeid

Link gekopieerd naar klembord

Een wet met goede bedoeling, maar minder goede gevolgen keyvisual

Angelique Schuitemaker

Als het kabinet de huidige koers voortzet met het wetsvoorstel meer zekerheid flexwerkers, dreigen tienduizenden mensen de verpleging, verzorging en thuiszorg te verlaten. In een sector die al kampt met een groot arbeidsmarkttekort en waar de verwachtingen vanuit de samenleving onverminderd hoog zijn, is dat een zorgwekkend vooruitzicht. De realiteit is dat het arbeidsmarkttekort de komende jaren niet verdwijnt. Juist daarom is iedere extra medewerker van onschatbare waarde. Iedereen die zich wil inzetten in de zorg moeten we koesteren, maar dan moet het werk wel zo georganiseerd zijn dat dit ook daadwerkelijk mogelijk blijft.

Download de infographic 'Ontwikkelingen flexibele arbeid'

De praktijk in de zorg is echt anders

De Wet meer zekerheid flexwerkers heeft een belangrijk en begrijpelijk doel: werknemers beter beschermen. Dat doel steun ik zonder voorbehoud. Maar in de ouderenzorg zie ik dagelijks dat dit wetsvoorstel ook een andere kant heeft, een kant waar we ons bewust van moeten zijn voordat we onomkeerbare keuzes maken. In mijn eigen organisatie, Evean, zie ik wat flexibiliteit in de praktijk betekent. Ik denk bijvoorbeeld aan medewerkers die naast hun baan af en toe willen bijspringen in onze sector, op momenten dat het hen uitkomt. Of aan mensen die zich niet willen vastleggen op vaste uren of een overeenkomst, omdat zij mantelzorg verlenen en de omvang daarvan moeilijk kunnen voorspellen. Voor hen is een nul-urencontract geen probleem, maar juist de oplossing. Het geeft ruimte, vrijheid en de mogelijkheid om bij te dragen wanneer het voor hen past. En juist ook die mensen hebben we hard nodig.

In de zorg voor ouderen en chronisch zieken hebben we elke medewerker keihard nodig. Voor iedereen die wil is er een contract mogelijk in onze sector, passend bij de behoefte. De Wet meerzekerheid flexwerkers maakt echter voor een substantieel deel van de medewerkers de gewenste contractvorm onmogelijk. Volgens onderzoek van SEO is voor 75% van de oproepkrachten in Nederland een nulurencontract niet de primaire inkomstenbron, en is deze groep over het algemeen tevreden over zowel hun werkzekerheid als hun contractvorm.

We willen het voor mensen zo makkelijk en aantrekkelijk mogelijk maken om in de zorg te werken. Want los van het feit dat veel zorgmedewerkers kiezen voor een nul-urencontract, kán de sector niet zonder flexibele arbeid. Het is essentieel omdat ons werk 24/7 doorgaat en geen rekening houdt met zomer, kerst, griepgolven en pieken van acute zorg. Zonder een flexpool zou je alle gaten met uitzendkrachten moeten dichtlopen. Dat gaat ten koste van de kwaliteit van zorg en leidt bovendien tot hogere kosten. Cliënten en collega’s hebben veel liever de continuïteit van het bekende gezicht dan steeds een nieuwe, onbekende uitzendkracht.

Gebrek aan samenhang in de visie van het kabinet

Tegen die achtergrond volgde ik het Kamerdebat van 9 april met grote belangstelling. Daar werd duidelijk dat onze zorgen breder worden gedeeld. In de zorg voor ouderen werken ruim 60.000 oproepkrachten, veelal mensen die bewust kiezen voor flexibiliteit. Tegelijkertijd is het begrijpelijk dat de wet inzet op het beschermen van kwetsbare werknemers. Maar zonder ruimte voor maatwerk dreigen we de balans te verliezen. Beperken we die ruimte, dan verliezen we mensen. Met meer druk op vaste teams en een grotere afhankelijkheid van dure externe inhuur als gevolg.

Meerdere fracties, aangevoerd door de SGP en het CDA, lieten tijdens het debat zien dat zij de praktijkgevolgen voor de zorg echt doorgronden. Hun voorstellen zijn dan ook hard nodig. Want hoe goed de intentie van de wet ook is, het ontbreekt aan nuance: niet elke flexwerker is kwetsbaar en niet elke flexibele contractvorm is een probleem.

Wat in de houding van de minister vooral opviel, was het gebrek aan samenhang. Aan de ene kant wil het kabinet mensen in de zorg behouden en nieuwe medewerkers aantrekken en recht doen aan de flexibele inzet die onze sector vraagt, terwijl tegelijkertijd via deze wetgeving juist extra drempels worden opgeworpen. Dat is niet uit te leggen. Als het kabinet echt werk wil maken van toekomstbestendige zorg, dan is samenwerking tussen ministeries geen luxe maar een randvoorwaarde. Daarom mijn oproep aan VWS en SZW: zorg voor samenhangend en eenduidig beleid dat aansluit bij de praktijk en de behoeften van zorgprofessionals en in lijn is met de visie van het regeerakkoord op de toekomst van de zorg.

Lees hier het verhaal van ActiZ.