De eindspurt naar het zomerreces: Tweede Kamer debatteert over ouderenzorg
De eindspurt naar het zomerreces: Tweede Kamer debatteert over ouderenzorg keyvisual
Op 3 juli gaat de Tweede Kamer met zomerreces, maar tot die tijd staan er nog verschillende zorgdebatten op de agenda. Op donderdag 4 juni vond het commissiedebat Ouderenzorg plaats. Aan bod kwamen plannen van het kabinet voor de ouderenzorg, structurele financiering zorgzame gemeenschappen, Generiek Kompas en administratieve lasten vermindering.
Dat ouderenzorg hoog op de politieke agenda staat, bleek uit de grote aanwezigheid van Kamerleden tijdens het debat. De minister opende met de constatering dat Nederland niet alleen vergrijst, maar dat ouderen ook steeds langer actief blijven. “We worden met z’n allen ouder, maar we worden ook anders oud. Ouderen blijven veel langer actief en daar moeten we de samenleving op inrichten”, aldus de minister. Het debat kende een brede en inhoudelijke discussie over de toekomst van de ouderenzorg, al bleek ook dat de minister op veel onderwerpen nog weinig concrete toezeggingen kon doen.
Kamer steunt de zorgzame woongemeenschappen
De door ActiZ gesteunde oproep, voor structurele financiering van zorgzame woongemeenschappen voor ouderen, stond centraal in dit debat. In de Kamer leek brede steun voor structurele financiering van 100 miljoen euro. Zo liet Lisa Vliegenthart (Groenlinks/PvdA) blijken dat zij ‘vreest voor uitblijvende investeringen om zorgzame buurten te realiseren’. Eveline Tijmstra (CDA) benadrukte dat zorgzame gemeenschappen niet vanzelf ontstaan, maar dat dit gestimuleerd moet worden en investeringen vergt om dit op te bouwen.
De minister kon tijdens het debat echter geen concrete toezegging doen. Zij verwees naar de lopende gesprekken over een aanvulling op het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO), waar dit onderwerp volgens haar wordt meegenomen. Dat leidde tot frustratie bij verschillende Kamerleden, die wezen op de brede steun in de Kamer en de gezamenlijke oproep van ActiZ en coalitiepartners om nu duidelijkheid te bieden over structurele financiering.
Minister benadrukt de beweging van het Generiek Kompas
De minister benadrukte in het debat dat het Generiek Kompas, over de kwaliteit van de zorg, een belangrijke stap is in de beweging naar bijvoorbeeld het verminderen van onnodige bureaucratie. Volgens haar is het Generiek Kompas tot stand gekomen vanuit de gezamenlijke wens om op een andere manier naar kwaliteit te kijken. De eerdere kwaliteitskaders brachten veel administratieve lasten met zich mee, terwijl de opbrengst daarvan volgens haar beperkt was.
De minister wees erop dat zorgorganisaties sinds de invoering van het Generiek Kompas in 2024 hard werken aan de implementatie ervan. Daarbij ontwikkelen organisaties kwaliteitsbeelden en voeren zij jaarlijkse ervaringsmetingen uit onder mensen met een zorgvraag, mantelzorgers en naasten. Volgens de minister is dit nadrukkelijk een gezamenlijk leer- en ontwikkelproces, waarbij de sector, cliëntenorganisaties en andere betrokken partijen stap voor stap werken aan het verder verbeteren en aanscherpen van deze nieuwe manier van verantwoorden en leren.