Anders denken, anders organiseren
Anders denken, anders organiseren keyvisual
We zijn er in onze sector allemaal van doordrongen: de dubbele vergrijzing en de krapte op de arbeidsmarkt vragen om een andere kijk op gezondheid en zorg. Een kijk waarin mensen zo lang mogelijk gezond en zelfstandig kunnen blijven en gezondheid een gezamenlijke verantwoordelijkheid is. Met de afspraak om toe te bewegen naar passende zorg hebben we daarvoor een belangrijke stap gezet. De beweging is ingezet en biedt volop kansen om samen verder te bouwen aan zorg die aansluit bij wat mensen nodig hebben.
Dat vraagt om een andere manier van kijken waarbij niet de bestaande organisatie van de zorg het vertrekpunt is, maar de maatschappelijke opgave die we gezamenlijk hebben. De uitdaging is om dat uitgangspunt te vertalen naar hoe we zorg, ondersteuning én digitalisering organiseren.
Behoefte van de burger centraal
Passende zorg vraagt om meer dan betere samenwerking tussen bestaande zorgorganisaties. Het vraagt om kijken naar wat iemand nodig heeft om zo zelfstandig mogelijk te leven en welke mensen, organisaties en hulpbronnen daaraan kunnen bijdragen. Dat kunnen zorgprofessionals zijn, maar ook welzijn, wonen, het sociaal domein, mantelzorgers, het eigen netwerk en digitale technologie. Rond iedere burger die dat nodig heeft, ontstaat een dynamisch netwerk. De situatie en hulpvraag bepaalt wie en wat nodig is, hoe wordt samengewerkt en welke informatie beschikbaar moet zijn. Dat is de beweging van ketenzorg naar netwerkzorg en uiteindelijk naar gezondheidsnetwerken: niet de grenzen van organisaties en domeinen zijn leidend, maar wat nodig is om mensen gezond en zelfstandig te laten leven.
Zorg, ondersteuning en leefomgeving in samenhang organiseren
De route naar dit nieuwe stelsel is uitgestippeld in de Nationale visie en strategie voor het gezondheidsinformatiestelsel (NVS) van het ministerie van VWS en bestaat uit drie plateaus:
- Plateau 1 – interoperabiliteit georganiseerd: De digitale opgave is om gegevens betrouwbaar en gestandaardiseerd uit te wisselen vanuit zorgorganisaties en de huidige bestaande zorgprocessen.
- Plateau 2 – het netwerk georganiseerd: het perspectief verschuift naar het netwerk rond de cliënt. Professionals werken niet alleen na elkaar in een keten, maar werken gelijktijdig samen rondom de cliënt. De digitale opgave verschuift daarmee van het versturen van gegevens naar het gezamenlijk beschikbaar maken van informatie die samenwerking in een dynamisch netwerk ondersteunt.
- Plateau 3 – integraal georganiseerd: de maatschappelijke opgave wordt het vertrekpunt. Niet ‘Hoe organiseren we de zorg?’, maar: ‘Wat is nodig om mensen zo lang mogelijk gezond, zelfstandig en van betekenis te laten leven?’. Het netwerk wordt breder dan de zorg alleen. Zorg, welzijn, wonen, sociaal domein, mantelzorg, technologie en de eigen kracht van mensen komen in samenhang bij elkaar.
Deze manier van denken betekent een fundamenteel andere opdracht voor digitalisering in de zorg: een digitale basis dat zich kan vormen rond de cliënt en diens situatie. Informatie is beschikbaar waar en wanneer dat nodig is, over domeinen en organisaties heen. Veel huidige inspanningen richten zich terecht op plateau 1. Maar de werkelijke transformatie naar passende zorg vraagt om een beweging naar plateau 2 en uiteindelijk plateau 3.
De opgave voor organisaties: organiseer vanuit het netwerk
Deze beweging vraagt van organisaties dat zij verder kijken dan hun eigen processen, systemen en grenzen. Wanneer iedere organisatie afzonderlijk haar eigen processen optimaliseert en digitaliseert, bestaat het risico dat we precies de grenzen digitaal vastleggen die we met passende zorg juist proberen te doorbreken.
De opgave voor organisaties is daarom om:
- niet alleen het eigen proces, maar het netwerk rond de inwoner als uitgangspunt te nemen;
- informatie beschikbaar te maken voor samenwerking, in plaats van gegevens uitsluitend van organisatie naar organisatie over te dragen;
- te kiezen voor open standaarden, verbonden infrastructuren en landelijk gedeelde afspraken;
- digitale oplossingen zo in te richten dat nieuwe partijen en technologieën eenvoudig onderdeel van het netwerk kunnen worden;
- bij iedere investering te vragen: draagt dit bij aan het gezondheidsnetwerk van morgen, of maakt het ons afhankelijker van de structuren van gisteren?
De opgave voor bestuurders: durven kiezen voor morgen
De afgelopen jaren is hard gewerkt aan betere gegevensuitwisseling. Er zijn veel waardevolle initiatieven ontwikkeld die bijdragen aan de doelstellingen van plateau 1. Dat is een belangrijke prestatie.
Tegelijkertijd schuilt daarin een risico. De druk om vandaag resultaten te boeken en te voldoen aan Wegiz (Wet elektronische gegevensuitwisseling in de zorg), IZA en Europese regelgeving, kan ertoe leiden dat we vooral bestaande processen verder optimaliseren. Dan maken we de zorg misschien efficiënter, maar nog niet vanzelf toekomstbestendig.
Juist daar ligt de verantwoordelijkheid van bestuurders. Zij bepalen met hun investeringsbeslissingen of digitalisering bestaande werkwijzen ondersteunt, of ruimte creëert voor een fundamenteel andere organisatie van zorg en ondersteuning. Dat vraagt om keuzes die verder kijken dan de eigen organisatie of sector. Om regionale samenwerking, investeringen die bijdragen aan de maatschappelijke opgave en de moed om niet altijd voor de snelste lokale oplossing te kiezen als die de gezamenlijke beweging op langere termijn belemmert.
Plateau 3 is daarom meer dan een technische stip op de horizon. Het vraagt om bestuurlijke durf: werken vanuit landelijke afspraken en open standaarden, samen bouwen aan een digitaal fundament voor netwerkzorg, en zorg en ondersteuning organiseren rond de behoeften van mensen. De artikelen in de zesde editie van het e-magazine laten zien hoe die beweging in de praktijk vorm kan krijgen. Want de toekomst van passende zorg begint met de keuzes die we vandaag maken: wat vraagt de maatschappelijke opgave van morgen van de manier waarop we vandaag denken, organiseren en digitaliseren? Waarbij het welzijn van burgers en de professionals om hen heen altijd als uitgangspunt geldt.