nieuws

23 januari 2019Branche in de media

Update woensdag 23 januari 2019

Vergrijzing zorg voor explosieve groei zorgvastgoedbeleggingen

Door de vergrijzing vinden beleggers het steeds interessanter om te investeren in seniorenwoningen, verpleeghuizen en klinieken. Vorig jaar steeg het totaal geïnvesteerde bedrag in Nederlands zorgvastgoed tot een recordbedrag van krap €1 mrd, blijkt uit woensdag verschenen cijfers van vastgoedadviseur Capital Value. In 2013 lag het belegd vermogen in deze categorie nog rond de €100 mln, in 2009 was zorgvastgoed in Nederland zelfs een nauwelijks bestaande sector. 'Steeds meer institutionele partijen richten een zorgfonds op', zegt Kees van Harten, directeur van Capital Value. Als voorbeelden noemt hij pensioenuitvoerder Bouwinvest, vermogensbeheerder Syntrus Achmea en belegger en ontwikkelaar Amvest. Ook gezondheidscentra horen bij zorgvastgoed. Alleen ziekenhuizen zijn in Nederland nog niet beschikbaar als belegging.

Veel zorginstellingen verkopen hun vastgoed om het terug te huren van de belegger. Uit cijfers van vastgoedadviseur CBRE, die deze week ook met een rapport over zorgvastgoed komt, blijkt dat vorig jaar 50% van het nieuw belegd vermogen naar vastgoed ging dat door zorginstellingen werd verkocht.

Een groot deel van de nieuwe investeringen in zorgvastgoed kwam vorig jaar van buitenlandse beleggers. Volgens CBRE was hun aandeel in het totaal belegd bedrag 37%. De helft daarvan kwam uit België, waar de beleggersmarkt in deze categorie verder is ontwikkeld. De adviseurs verwachten dat het geïnvesteerd vermogen in zorgvastgoed dit jaar nog verder zal oplopen. Uit een enquête van Capital Value blijkt dat beleggers in 2019 zo'n €1,7 mrd beschikbaar hebben voor investeringen in zorgvastgoed.

Het Financieele Dagblad 23-1-2019 

Pauline Meurs: Inzet van wijkteams is goede stap voor de zorg, maar heeft wel verschillende aanpassingen nodig

Decentralisatie van de jeugdzorg, maatschappelijke ondersteuning en (arbeids)participatie behoren tot de grote beleidsveranderingen van het vorige kabinet. De gedachte achter het opstellen van wijkteams was om met zo'n team synergievoordelen te behalen, die de professional afzonderlijk niet kon realiseren. Bovendien zou het wijkteam de coördinatie tussen de verschillende hulpverleners in goede banen leiden, wat de efficiëntie van het zorgproces zou bevorderen. Dit alles moest niet alleen de zorg passender maken, de zorg zou daarmee ook goedkoper worden. Volgens het Centraal Planbureau maken wijkteams de zorg niet goedkoper. De zorgprofessionals verwijzen meer door en naar duurdere zorg. En omdat wijkteams beter in staat zijn om verborgen problematiek op te sporen, geeft dat meer zorgvraag en gaat gepaard met hogere kosten.

Het CPB stelt voor alleen de zwaardere gevallen over te laten aan een wijkteam. Een tweede oplossing die het CPB bied, is het voorstel om zorgaanbieders geen rol meer te geven in het wijkteam.

Op de aannames en aanbevelingen van het CPB valt veel af te dingen. Het onderzoek miskent de vele verschillen tussen gemeenten en de enorme variëteit aan werkwijzen van de wijkteams. Zorgelijker is de aanname dat een verwijzing naar professionele zorg per definitie duurder is. Ook het voorstel van het CPB om zorgprofessionals uit het wijkteam te zetten, omdat ze bevooroordeeld zouden zijn, is twijfelachtig. Onoordeelkundig indiceren is blijkbaar goed genoeg. Maar de kosten die daarvan het gevolg kunnen zijn, worden in de studie niet meegenomen. Ook het voorstel om een onderscheid te maken tussen lichte en zware problemen is niet zinvol. Aan de voorkant is dat onderscheid niet makkelijk te maken.

Wijkteams zijn zwaar belast en kampen met personeelstekorten. Laten we beginnen met het goed toerusten van deze teams. Dan kunnen zij vaker de wijk ingaan, en sneller doorverwijzen naar regionale zorgaanbieders. Dan kunnen de cliënten, en hun mantelzorgers, het langer volhouden, omdat zij weten dat er een wijkteam klaarstaat om ze op te vangen. Tot slot nog een advies aan het kabinet en de politiek: evaluatie van een beleid dat pas twee jaar loopt, heeft geen zin. Hou daarmee op.

Pauline Meurs is hoogleraar bestuur van de gezondheidszorg, Erasmus Universiteit Rotterdam en voorzitter van de raad voor Volksgezondheid en Samenleving.

Het Financieele Dagblad 23-1-2019 

1,7 miljard euro aan pgb’s onzeker of foutief

Nog altijd zijn er veel onzekerheden en worden er fouten gemaakt met persoonsgebonden budgetten (pgb). Daar is 1,7 miljard euro mee gemoeid. Daarom hebben accountants geen goedkeurende verklaring kunnen afgeven aan de betrokken regionale zorgkantoren. Dat blijkt uit het jaarlijkse rapport Uitvoering Wet Langdurige Zorg van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).

De onzekerheid rondom de pgb’s wordt veroorzaakt door landelijke problematiek, met name problemen bij uitkeringsinstantie SVB. Toch verwacht de NZa dat de zorgkantoren de problemen oplossen. In de ontwikkeling en in gebruik name van het portaal PGB 2.0 ziet de Zorgautoriteit hiervoor kansen.

Verder heeft de NZa verschillende signalen gekregen dat bepaalde uitvoeringsprocessen bij zorgkantoren niet goed verlopen. "Het gaat bijvoorbeeld om de aanlevering van de gegevens van een cliënt door het CAK. Op basis van die gegevens stelt het CAK de eigen bijdrage vast. Dit liep niet goed en dit heeft tot gevolg gehad dat de betreffende cliënten stapelfacturen kregen." Volgens de zorgwaakhond werken de zorgkantoren aan een oplossingen. Tot slot ziet de NZa dat soms ontoereikende zorg wordt geleverd.

Het algemene beeld van de uitvoering van de Wlz is dat de zorg goed toegankelijk is. 99,26 procent van de mensen met een Wlz-indicatie krijgt Wlz-zorg. Volgens de NZa hebben de zorgkantoren de wachtenden zonder zorg goed in beeld. "De wachtlijsten laten zien dat er wel fricties zijn tussen zorgvraag en zorgaanbod (passende zorg)", stelt de Zorgautoriteit.

Van de zorgkantoren wordt ook verwacht dat zij bijdragen aan betere kwaliteit van zorg in de verpleeghuizen. De NZa ziet dat de zorgkantoren stappen zetten om het kwaliteitskader voor de verpleeghuiszorg te implementeren in de zorginkoop. Zij ontwikkelen bijvoorbeeld instrumenten om beter zicht te krijgen op de kwaliteit van zorg in verpleeghuizen.

In de loop van 2019 zullen de eerste resultaten van de in 2018 gemaakte afspraken zichtbaar worden.

Skipr 22-1-2019

laat hier een reactie achter

Naam
E-mail
Reactie

Laatste nieuws