nieuws

29 januari 2019

Update dinsdag 29 januari 2019

Intimidatie in de zorg: van geschreeuw en vieze praat tot het knijpen in borsten

Intimidatie in de zorg is een hardnekkig probleem. Brancheorganisaties zeggen er al jaren wat aan te doen, maar toch krijgt nog steeds meer dan de helft van de maatschappelijk werkers en verpleegkundigen te maken met intimidatie door klanten of patiënten. Uit onderzoek van het CBS in samenwerking met TNO blijkt dat de helft van de maatschappelijk werkers (54 procent) en verpleegkundigen (51 procent) wordt geïntimideerd. En ruim een op de drie verpleegkundigen is weleens slachtoffer van ongewenste seksuele aandacht geweest. Bij geen andere beroepsgroep komt dat zo vaak voor.

Brancheorganisaties zeggen tegen de NOS dat ze meerdere keren bewustwordingscampagnes hebben gevoerd en met het Rijk samenwerken aan betere regelgeving. "Sinds een paar jaar kunnen mensen bijvoorbeeld anoniem aangifte doen", zegt een woordvoerder van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen. Dat moet ervoor zorgen dat verplegers aangifte durven te doen en er echt opgetreden wordt tegen de daders van ongewenst gedrag. Ook geven veel ziekenhuizen trainingen aan het personeel.

Actiz verwijst naar de website duidelijkoveragressie.nl. Daar kunnen bedrijven die te maken hebben met ouderenzorg en wijkverpleegkundigen, tips vinden over hoe ze moeten omgaan met intimidatie op de werkvloer.

NOS 28-1-2019 

Tijdelijke personeelsnorm verpleeghuizen wordt standaard

Verpleeghuizen moeten minimaal twee zorgverleners beschikbaar hebben voor zorg en ondersteuning bij intensieve zorgmomenten. Deze tijdelijke norm uit het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg is deze maand door het Zorginstituut Nederland in het register opgenomen en wordt daarmee de standaard.

In januari 2017 kwam er een personeelsnorm op tijdelijke basis. Eind 2018 is ervoor gekozen om de norm zelf contextontafhankelijk maken. De noden en verlangens van bewoners zijn onderdeel van de inkoopgesprekken tussen aanbieders van verpleeghuiszorg en de zorgkantoren.

ActiZ benadrukte in december dat de sleutel voor goede zorg niet ligt in één kwantitatieve norm. Volgens de branchevereniging draait het om een verantwoorde personeelssamenstelling, die is afgestemd op de behoeften van de bewonersgroep. Dit betekent niet alleen voldoende medewerkers, maar ook de juiste mix van competenties.

Het Zorginstituut heeft de personeelsnorm getoetst en een positief oordeel geveld. De personeelsnorm en de indicatoren worden per 21 januari 2019 opgenomen in het openbare register.

Skipr 28-1-2019 

Sociale teams werken wel goedkoper, als je het maar goed regelt

De boodschap over de vermeende duurdere zorg door wijkteams werd gretig overgenomen door journalisten. De indruk wordt gewekt dat het experiment met de sociale of wijkteams mislukt is, en dat de teams hier zelf schuldig aan zijn. Gelukkig ligt het veel genuanceerder. Onderzoeken op basis van casusanalyses laten zien dat de inzet van sociaal werkers die mandaat en vertrouwen krijgen ertoe leidt dat mensen sneller, preventief, en beter worden geholpen en dat dit escalatie en een heleboel kosten voorkomt. Maar dan is nodig dat de teams de tijd krijgen om te leren, in een omgeving waarin ze werken aan kostenbewustzijn, ze ‘zorgen dat’ in plaats van ‘zorgen voor’, het netwerk benutten, verbindingen leggen met lokale initiatieven, en echt integraal samenwerken.

Er is een aantal maatregelen waarmee wijkteams de kosten omlaag kunnen brengen, en hun werk beter kunnen doen.

  1. Om te voorkomen dat medewerkers in een team mensen (onnodig) doorverwijzen naar hun eigen moederorganisatie is het nodig dat de teams onafhankelijk kunnen opereren van aanbieders (moederorganisaties).
  2. Verder is het belangrijk dat de teams, waar dat nodig is, iemand snel weer op de rit kunnen zetten om escalatie te voorkomen, zonder dat daarvoor bureaucratische procedures en indicatiestelling nodig zijn.
  3. Het lijkt zinvol goed te onderzoeken wat de onderliggende patronen zijn van de toename van het aantal indicaties. Wellicht is de toename van cliënten wel positief, omdat meer mensen die dat nodig hebben door de nabije teams in beeld komen en worden geholpen.
  4. Voormalig voorloper gemeente Eindhoven wil de indicatiestelling weer door de gemeente laten doen in plaats van door de wijkteams. De teams hebben dan geen mandaat meer om te kunnen beslissen over wat nodig is aan ondersteuning en zorg, en de gedachte van één gezin, één plan, één regisseur lijkt hiermee overboord te worden gezet.
  5. We zien in de praktijk dat de teams door onder meer een grote caseload te weinig toekomen aan het versterken van netwerken en participatie, met als gevolg wachtlijsten en meer doorverwijzingen naar professionele ondersteuning en zorg. Veel gemeenten investeren nog onvoldoende in (het sturen op) de ontwikkeling van algemeen toegankelijk aanbod, waarnaar de teams kunnen doorgeleiden.

Wijk- of sociale teams zijn niet hét instrument. Elke gemeente zal de frasen in het beleid als outreachend werken, eigen kracht, één gezin, één plan, één regisseur, en collectief aanbod opnieuw moeten definiëren. De bal ligt nu dus bij gemeenten. Zij hebben een koers ingezet. Zij moeten niet voortijdig, politiek gedreven, terugvallen in systemen en procedures, in controle en beheersing.

Sociale Vraagstukken 28-1-2019 

Verschraling van de zorg door invoering Wmo-abonnementstarief

Het Wmo-abonnementstarief is sinds 1 januari een feit. Gebruikers van de Wmo betalen een vaste prijs van € 17,50 per vier weken. Een goede maatregel om stapeling van zorgkosten aan te pakken, maar er zijn ook nadelen, aldus een bezorgde Patiëntenfederatie Nederland, die vreest dat er ‘verschraling van de zorg’ ontstaat.

Gemeenten zijn niet blij met het Wmo-abonnement. In juni vorig jaar stemde 96 procent tegen tijdens een VNG-ledenvergadering. Ze verwachten dat meer mensen om met name huishoudelijke hulp zullen vragen. Ook het ministerie van VWS verwacht meer zorgvraag. Gemeenten vinden dat die compensatie door het Rijk onvoldoende is en de

Welke pijnpunten ziet Patiëntenfederatie Nederland bij het Wmo-abonnementstarief? ‘We hebben onze twijfels of dit genoeg is om de stapeling van kosten aan te pakken. Stapeling ontstaat op verschillende terreinen. Vooral cliënten die een groot deel van hun leven zijn aangewezen op zorg in een Wlz-instelling hebben te maken met bijkomende kosten voor diensten zoals waskosten en administratiekosten. Deze groep ervaart weinig voordeel van het abonnement.’

Patiëntenfederatie Nederland ziet vooral problemen rond de Wet langdurige zorg (Wlz). ‘De zorg uit de Wmo wordt dan misschien goedkoper, maar de overgang naar zorg uit de Wlz wordt hierdoor voor mensen soms veel duurder. In de Wlz geldt namelijk nog wel een inkomens/vermogens-afhankelijke bijdrage’, aldus woordvoerder Meens. ‘Ook gelden er zorgzwaartepakketten. Daarmee is de zorg gelimiteerd, terwijl mensen die thuis zorg krijgen uit de zorgverzekeringswet en Wmo veel minder beperking kennen. Dit staat ook wel bekend als “zorgval”. Gemeenten mogen bij mensen aangeven dat ze Wlz-zorg nodig hebben. Met andere woorden dat er 24-uurs toezicht in nabijheid nodig is. Wij vinden het belangrijk dat mensen passende zorg krijgen en dat zij bij het aanvragen en regelen van zorg over goede keuze-informatie beschikken. Informatie over leveringsvormen, kwaliteit van verschillende zorgaanbieders, toegang tot zorg en ook over bijbehorende eigen betalingen.’

Wat wil de Patiëntenfederatie dat het Rijk nu concreet doet? ‘In onze inbreng bij de voorgenomen wetswijziging hebben we genoemd: kijk kritisch naar de eigen bijdrage en de bijkomende kosten voor mensen in Wlz-instellingen. Daarnaast kan de overheid het verplichte eigen risico afschaffen.’

Zorg+Welzijn 28-1-2019

Ga naar alle updates

laat hier een reactie achter

Naam
E-mail
Reactie

Laatste nieuws