18 februari 2020Financiering, VVT Nieuws

Partneropnamebeleid Wlz 2020

De belangrijkste punten voor u op een rij

ActiZ heeft de belangrijkste punten bij het partneropnamebeleid in de Wlz voor 2020 voor u op een rij gezet. Er is geen sprake van een beleidswijziging, maar het is een overzicht van de antwoorden op de meest gestelde vragen over het beleid van partneropname.

Achtergrond en visie

Sommige zorgorganisaties richten zich -van oudsher- weloverwogen ook op echtparen/partners. Daarmee kunnen echtparen/partners ook in de laatste fase van hun leven zo lang mogelijk bij elkaar blijven wonen. Er liggen voor zorgorganisaties meerdere redenen ten grondslag aan partneropnamebeleid, bijvoorbeeld de maatschappelijke betekenis ervan. Of vanwege hun imago, omdat de organisatie met partneropname een naam heeft opgebouwd in hun omgeving en bij de (potentiële) cliënten. Ook kunnen partners een bijdrage leveren aan het woonleefklimaat in de zorgorganisatie.

De mogelijkheid van zorgorganisaties om partners mee te laten verhuizen hangt deels af van de bouwkundige mogelijkheden van de organisatie. Het komt ook voor dat een organisatie zich weliswaar richt op niet-geïndiceerde partners maar dat door het ziektebeeld van de geïndiceerde, samen in een appartement verblijven niet gewenst of verantwoord is. Bijvoorbeeld als er sprake is van ernstige dementie waardoor de partner op een gesloten afdeling verblijft. Het is aan de zorgorganisatie om te bepalen of partneropname past bij de eigen visie en strategie en om daarover met het zorgkantoor afspraken te maken.

Wij hebben in een overzicht voor u opgesteld van zaken die van belang zijn bij partneropname; de regelgeving, het begrip partner, de mogelijkheden en rechten voor als de partner achterblijft, de Algemene Voorwaarden, de eigen bijdrageplicht en het tarief voor 2020:

Partner heeft recht op verblijf

De Wet langdurige zorg (art. 3.1.2) maakt mogelijk dat een echtgenoot van een Wlz-cliënt (een voor de Wlz geïndiceerde met een somatische, psychogeriatrische aandoening, of met een zintuigelijke, verstandelijke of lichamelijke handicap) die in een instelling verblijft, recht heeft op verblijf in dezelfde instelling. Dit is de zogeneemde partneropname. Partneropname wordt niet geïndiceerd door het CIZ, maar geregistreerd op het moment dat de zorginstelling de niet-geïndiceerde partner meeverhuist.

Partner houdt recht op verblijf

De Wlz bepaalt dat de echtgenoot ook recht houdt op verblijf na overlijden van de geïndiceerde dan wel na vertrek van de geïndiceerde naar een andere instelling. Het recht op dit verblijf geldt voor de locatie. Met het recht op verblijf in de locatie wordt de locatie bedoeld waar de partner al verbleef, niet in een van de andere locaties van een zorgconcern. De partner heeft niet het recht op het appartement waar hij of zij verblijft, althans als dat voor aanvang van de zorgverlening uitdrukkelijk is afgesproken. Contractueel moet dan zijn bedongen dat als een van de partners vertrekt of overlijdt, de achtergebleven partner wordt geacht te verhuizen naar een eenpersoonsappartement binnen dezelfde locatie. Het is raadzaam om deze afspraak voor aanvang van de zorgverlening in de zorgleveringsovereenkomst op te nemen.

Wel is het denkbaar dat de achtergebleven partner elders gaat verblijven, bijvoorbeeld in een aanleunwoning, maar alléén als deze partner daarvoor kiest. Indien de zorgaanbieder de optie van elders te wonen wil benutten moet het bij voorkeur van tevoren, bijvoorbeeld bij opname, worden besproken met de partner. Uiteindelijk heeft de partner altijd het recht om toch binnen de zorgorganisatie te blijven dan wel te kiezen of in te stemmen om elders te gaan wonen.

Echtgenoot/Partner

Onder echtgenoot verstaat de Wlz: een gehuwde of een geregistreerde partner (Wlz, art. 1.1.2 lid 1 en 2). Als gehuwd of als echtgenoot wordt mede aangemerkt de ongehuwde meerderjarige die met een andere ongehuwde meerderjarige een gezamenlijke huishouding voert (zogenaamd samenwonen), tenzij het een bloedverwant in de eerste graad (kind of ouder) betreft.

Algemene voorwaarden

ActiZ heeft samen met BTN, LOC, NPCF en Consumentenbond in SER-verband  Algemene voorwaarden opgesteld. De Algemene voorwaarden zijn een lidmaatschapsverplichting voor ActiZ-leden. In deze voorwaarden (bijzondere module Zorg met verblijf) wordt aangegeven dat u bij het aangaan van de overeenkomst met de cliënt, de cliënt moet informeren over uw regeling voor partnerverblijf. Voor de te treffen regeling kunt u de informatie die in deze notitie staat gebruiken.

Verblijf en overige zorg

Naast verblijf heeft de niet-geïndiceerde partner recht op voorzieningen waaronder in elk geval: het verstrekken van eten en drinken, het schoonhouden van de woonruimte en roerende voorzieningen. Zie de informatie hierover in het Wlz-kompas van het Zorginstituut.

Het kan voorkomen dat de niet voor de Wlz geïndiceerde partner zorg en ondersteuning nodig heeft. Hij is dan aangewezen op de zorg en ondersteuning uit de Zorgverzekeringswet en Wmo. Het is raadzaam bij toename van de zorgzwaarte na te gaan of er voor de partner mogelijk ook sprake is van toegang tot de Wlz.

Eigen bijdrage

Beide partners betalen een eigen bijdrage afhankelijk van het inkomen en het vermogen conform het Besluit langdurige zorg. Als de niet-geïndiceerde partner na overlijden of verhuizing achterblijft betaalt hij of zij ook een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage. Raadpleeg voor meer informatie de website van het CAK.

Tarief 2020

In 2020 is de verblijfscomponent die een zorgorganisatie ontvangt voor de niet voor de Wlz geïndiceerde partner in de V&V-sector maximaal € 52,55 per dag (NZA prestatiecode Z995). Dit bedrag is inclusief de NHC/NIC.

laat hier een reactie achter

Naam
E-mail
Reactie
Herma_klein

Laatste nieuws