nieuws

19 december 2018Kwaliteit, VVT Nieuws

Rechter veroordeelt selectieve toekenning incidentele kwaliteitsgelden

Vijf zorgorganisaties kunnen alsnog een beroep doen op de extra middelen (100 miljoen) die VWS in 2017 beschikbaar stelde voor verbetering van de verpleeghuiszorg. Dat blijkt uit de uitspraken die het College van Beroep voor het Bedrijfsleven vanmorgen deed. 

De 5 zorgorganisaties kwamen niet voor de regeling in aanmerking omdat hun weerstandsvermogen te hoog was. De rechter heeft gekeken naar het doel van de regeling en de uitwerking hiervan in de beleidsregels. Doel was om zorginstellingen met urgente kwaliteitsimpulsen te helpen. Van financiële drempels is in de regeling geen sprake. De rechter vindt daarom dat de NZa en de zorgkantoren uitsluitend hadden mogen toetsen of een instelling kwaliteitsimpuls had. Zowel de zorgkantoren als de NZa mochten bij de beoordeling van de aanvragen geen financiële drempel hanteren. 

Daarnaast is de rechter van oordeel dat de toewijzing van middelen door de NZa, waarvoor niet iedere instelling op gelijke wijze in aanmerking komt, het level playing field tussen zorgorganisaties kan verstoren. Een instelling die geen middelen ontvangt kan volgens de rechter een concurrentiebelang hebben bij het besluit van de NZa om een andere instelling wèl middelen toe te kennen. De rechter vindt dat de NZa hiernaar onderzoek had moeten doen. 

De NZa moet van het College binnen vier maanden nieuwe besluiten te nemen op de aanvragen van de vijf zorginstellingen. 

Met deze uitspraken geeft de rechter een duidelijk signaal af: de overheid moet bij het toekennen van incidentele middelen zorgvuldig te werk gaan. Een regeling waarvoor niet alle zorginstellingen gelijkelijk in aanmerking komen, kunnen het level playing field tussen de zorginstellingen verstoren. Kiest de overheid voor selectieve toekenning dan moet het effect hiervan op concurrentieverhoudingen worden onderzocht. De overheid kan dat voorkomen door bijvoorbeeld de extra middelen toe te kennen door middel van een algemene tariefsverhoging of soortgelijke generieke maatregelen, zoals ActiZ en de procederende zorginstellingen ook steeds hebben betoogd. 

Tegen de vonnissen van het College van Beroep voor het bedrijfsleven staat geen hoger beroep open.

laat hier een reactie achter

Naam
E-mail
Reactie
Herma_klein
evedientukkers_pers2
Persvoorlichter

Evedien Tukkers

Laatste nieuws