nieuws

24 april 2019VVT Nieuws, Wet en regelgeving

Opbaren in het verpleeghuis: wie betaalt wat?

RTL Nieuws berichtte deze week dat zorgorganisaties ten onrechte kosten berekenen voor het opbaren in de eigen kamer. Dit bericht heeft geleid tot vragen over hoe het nu zit met de kosten en regelingen na een overlijden in het verpleeghuis.

ActiZ herkent zich niet in het door RTL Nieuws geschetste beeld dat er veelal ten onrechte kosten worden berekend. Zorgorganisaties vinden het belangrijk dat het opbaren in de eigen kamer mogelijk is. Over kosten die voor rekening van de nabestaanden zijn, worden met de cliëntenraad afspraken gemaakt. Wel blijkt dat er soms onduidelijkheid is over het verschil tussen de kosten voor het beschikbaar houden van de kamer en de kosten van het opbaren zelf. Ook over de toepassing van de regeling voor mutatiedagen bestaat soms onduidelijkheid. In dit bericht lichten wij dit toe.

Mutatiedagen

Verpleeghuizen krijgen na het overlijden van een cliënt maximaal 13 dagen (artikel 6.2.1) een vergoeding voor de kosten van de kamer. Landelijke patiënten- en cliëntenorganisaties en brancheorganisaties van zorgaanbieders hebben afgesproken dat nabestaanden daarvan 7 dagen kunnen gebruiken om de overledene eventueel op te baren en de kamer leeg te ruimen. Zorgaanbieders hebben vervolgens 6 dagen de tijd om de kamer gereed te maken voor een volgende bewoner. Dit staat in de Algemene Voorwaarden VVT (bijzondere module Zorg met verblijf).

De mutatiedagen kunnen worden gedeclareerd vanaf het moment dat de bewoner is overleden en zijn dus ook van toepassing op de dagen dat de cliënt is opgebaard.

Voor rekening verpleeghuis

Omdat de beschikbaarheid van de kamer bekostigd wordt via de mutatiedagen, zijn daaraan voor de nabestaanden geen kosten verbonden, zolang het opbaren en leegruimen van de kamer binnen 7 dagen na het overlijden past. Hebben de nabestaanden hiervoor meer tijd nodig, dan kunnen de extra dagen bij hen in rekening worden gebracht.

Daarnaast zijn het schouwen, gereedmaken voor transport en het tijdelijk koelen na het overlijden van een cliënt voor rekening van de zorgorganisatie. Dat staat in het Wlz-Kompas van Zorginstituut Nederland.

Voor rekening nabestaanden

Nabestaanden zijn verantwoordelijk voor de kosten van het afleggen en opbaren. Dit valt namelijk niet onder de verzekerde zorg van de Wet langdurige zorg. Als er een overlijdensverzekering is, worden deze kosten vergoed door de verzekeraar.

Als de zorgorganisatie kosten maakt voor het afleggen en opbaren komen deze voor rekening van de nabestaanden. Het komt bijvoorbeeld voor dat zorgmedewerkers assisteren bij het afleggen of dat voor het opbaren een koelinstallatie van de zorgaanbieder wordt gebruikt. Dit kan in rekening gebracht worden aan nabestaanden of de uitvaartverzekeraar. Zorgorganisaties spreken met de cliëntenraad af welke diensten tegen welke prijs in rekening worden gebracht. Ook is het belangrijk dat deze afspraken bij alle bewoners en hun naasten bekend zijn.

Vervolg

Hoewel de toepassing van de regels in de praktijk complex is, is het belangrijk dat zorgorganisaties in overleg met cliëntenraden en nabestaanden goede afspraken maken. ActiZ zal in overleg met cliëntenorganisaties kijken of verduidelijking van de regels nodig is. Dit bericht is door LOC (landelijke vertegenwoordiger van cliëntenraden en cliënten) en ActiZ in afstemming opgesteld.

laat hier een reactie achter

Naam
E-mail
Reactie
1-DSC_0862
Olfert Koning - vierkant200

Laatste nieuws