VVT-Wet en regelgeving

Tweede Kamer stemt in met wetsvoorstel Wmo 2015

tweede-kamer-stoeltjes

De Tweede Kamer heeft op 24 april 2014 ingestemd met het wetsvoorstel voor de nieuwe Wmo. Daarmee is een belangrijke stap gezet naar de invoering per 1 januari 2015. Het wetsvoorstel kreeg steun van VVD, PvdA, D66, SGP, ChristenUnie, de groep Bontes/Van Klaveren en de fractie Van Vliet. ActiZ is blij dat de Kamer het wetsvoorstel op diverse punten heeft geamendeerd. Hierdoor wordt de regeldruk voor aanbieders beperkt en de positie van het persoonsgebonden budget versterkt.

Het wetsvoorstel waarborgt echter nog onvoldoende dat gemeenten reële tarieven hanteren bij de aanbesteding van diensten. Bij de behandeling in de Eerste Kamer zullen wij opnieuw bepleiten het wetsvoorstel op dit punt aan te passen.

Minder regeldruk voor aanbieders
Volgens het oorspronkelijke wetsvoorstel zouden de gemeenteraden verplicht worden eisen te stellen aan de bestuursstructuur en de bedrijfsvoering van aanbieders. ActiZ heeft er voor gepleit deze bepaling te schrappen, omdat het de regeldruk sterk zou vergroten en bovendien tot onwerkbare situaties zou leiden als gemeenten op dit punt uiteenlopende eisen zouden stellen aan aanbieders. Dankzij een amendement (nr. 83) van VVD, D66 en SGP is deze bepaling nu geschrapt.

Tevens is de verplichting voor zorgaanbieders, om voor al hun medewerkers die met cliënten in contact kunnen komen te beschikken over een verklaring omtrent gedrag, uit de wet geschrapt (amendement 74). In plaats daarvan zal in lagere regelgeving (AMvB) worden geregeld wanneer een VOG nodig is. De verplichte VOG is daarmee nog niet geheel van tafel, maar de regeling bij AMvB biedt in elk geval meer flexibiliteit en de mogelijkheid om de verplichting te beperken tot specifieke situaties. Een generieke plicht biedt ons inziens schijnzekerheid, terwijl er andere mogelijkheden zijn (zoals navraag bij de IGZ) om de veiligheid van cliënten beter te waarborgen.

Persoonsgebonden budget als gelijkwaardig alternatief
De Tweede Kamer heeft enkele amendementen aangenomen waarmee de positie van het persoonsgebonden budget als gelijkwaardig alternatief voor zorg in natura wordt versterkt. Dit sluit aan bij de visie van ActiZ om de eigen regie van cliënten te vergroten. Volgens het oorspronkelijke wetsvoorstel diende de cliënt bij de aanvraag van een pgb te motiveren waarom zorg in natura voor hem of haar niet toereikend is; nu volstaat het als de cliënt motiveert dat hij of zij de ondersteuning in de vorm van een pgb wenst te ontvangen (amendement 103).

Tevens is een amendement (nr. 93) aangenomen waarin nadrukkelijk wordt bepaald dat de gemeente in de verordening moet regelen dat de hoogte van het pgb toereikend moet zijn om de door de cliënt gewenste zorg en ondersteuning in te kopen. Een pgb mag in beginsel niet duurder zijn dan zorg in natura. Bij amendement (nr. 23) is echter geregeld dat cliënten eventueel wel zelf kunnen bijbetalen.

Reële tarieven nog onvoldoende geborgd
ActiZ pleit ervoor dat gemeenten reële tarieven vaststellen voor de ondersteuning die zij inkopen, zodat een gezonde bedrijfsvoering mogelijk is en prijsdumping wordt voorkomen. Dit uitgangspunt geldt in de huidige Wmo al voor de hulp bij het huishouden, maar zal in de nieuwe Wmo van toepassing zijn op alle vormen van Wmo-ondersteuning. De wettekst moet ons inziens echter worden aangescherpt om te zorgen dat de tarieven desnoods ook door de rechter getoetst kunnen worden. De ervaring met de huidige Wmo-bepaling inzake reële tarieven voor de huishoudelijke hulp heeft immers laten zien dat de rechter geen mogelijkheid heeft om de door de gemeente vastgestelde tarieven te toetsen aan het beginsel van reële tarieven. Bij de behandeling in de Eerste Kamer zullen wij nogmaals aandacht vragen voor deze problematiek en bepleiten dat de tarieven worden vastgesteld op basis van de reële loonkosten (waaronder de geldende arbeidsvoorwaarden), bedrijfskosten en door de gemeente gestelde kwaliteitseisen. Dit kan in een AMvB nader worden uitgewerkt.

Voorstel voor dienstencheques
Om verlies van werkgelegenheid in de huishoudelijke hulp te voorkomen, heeft ActiZ de invoering van dienstencheques bepleit. Hiermee kunnen cliënten tegen een inkomensafhankelijk tarief ondersteuning inkopen en de gemeente past bij tot het niveau van de werkelijke kosten. Verschillende Kamerleden hebben dit voorstel ingebracht tijdens het debat. De staatssecretaris heeft toegezegd dit te betrekken bij zijn reactie op het advies van de commissie-Kalsbeek over de positie van alfahulpen. De Kamer zal hier binnenkort verder met de staatssecretaris over spreken. Wel wordt in de Wmo 2015 de ondersteuning inzake de administratie en de werkgeversfunctie van cliënten met een PGB die gebruik maken van alfahulpen, verplicht ondergebracht bij de Sociale Verzekeringsbank.

Geen dubbel kwaliteitsregime
Een kamermeerderheid heeft nog eens bevestigd dat het kwaliteitsbeleid een lokale verantwoordelijkheid dient te zijn, zoals ook door ActiZ is bepleit. Als er naast de lokale kwaliteitseisen ook landelijke kwaliteitseisen zouden gelden, zou dat de ruimte voor lokaal maatwerk sterk beperken en dreigt er voor aanbieders een onwerkbare situatie te ontstaan. De Kamer heeft een amendement (nr. 75) aangenomen, waarin wordt geregeld dat voor het stellen van landelijke kwaliteitseisen aan aanbieders een extra zware procedure moet worden doorlopen (een zogeheten verzwaarde voorhangprocedure).

Herstructurering vastgoed
Tijdens het debat hebben Kamerleden ook de vastgoedproblematiek van zorgaanbieders aan de orde gesteld. De staatssecretaris heeft toegezegd binnen enkele weken samen met minister Blok van Wonen voorstellen te doen voor de randvoorwaarden voor langer zelfstandig wonen en de herstructurering van vastgoed.

Meer informatie
Belangrijke aangenomen amendementen:
Amendement 23 Gedeeltelijk weigeren pgb
Amendement 74 Verklaring omtrent gedrag
Amendement 75 Verzwaarde voorhangprocedure landelijke eisen
Amendement 83 Bestuursstructuur en bedrijfsvoering
Amendement 93 Toereikende hoogte pgb
Amendement 103 Gelijkwaardige positie


Een verslag van het kamerdebat en de bijbehorende documenten vindt u op de website van de Tweede Kamer.


1-DSC_0862