JGD-Preventie en zorg

Gebruik meldcode door artsen kan beter

De meeste artsen kennen en waarderen de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling, maar ze ervaren ook belemmeringen bij de toepassing. Dat blijkt uit een onderzoek waarover staatssecretaris Martin van Rijn op 15 juni rapporteerde aan de Tweede Kamer.

 

De meeste van de ruim duizend artsen die meewerkten aan het onderzoek vinden dat de meldcode voor duidelijkheid zorgt en de drempel om actie te ondernemen verlaagt. Het stappenplan helpt bij een zorgvuldige besluitvorming over een eventuele melding. Vooral jeugdartsen, maar ook huisartsen, achten zich in staat om zelf hulp te organiseren, in plaats van te melden.

Door het verplichte gebruik van de meldcode voelen artsen zich gerechtvaardigd om actie te ondernemen. Toch zijn zij bang om de vertrouwensrelatie met ouders te schaden. Ze hebben daarom behoefte aan training in geschikte gesprekstechnieken.

 

Reactie van staatssecretaris Van Rijn

De resultaten van dit eerste deel van de quickscan laten zien dat we twee jaar na inwerkingtreding van de Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling op de goede weg zijn.

De resultaten zijn reden om het gebruik en de werking van de meldcode verder te optimaliseren. De ervaren belemmeringen en verbeterpunten bieden hiervoor aanknopingspunten. Van Rijn wil zich richten op de volgende punten:

  1. het vergroten van bekendheid met, en kennis over, de meldcode en de kindcheck;
  2. bij- en nascholing waarin met name aandacht voor gespreksvaardigheden;
  3. het verduidelijken van de rol en werkwijze van Veilig Thuis;
  4. het vergroten van de bekendheid over de mogelijkheid om advies te vragen zonder persoonsgegevens bekend te maken en het onderscheid tussen het vragen van een advies en het doen van een melding bij Veilig Thuis.

 

IGZ

De IGZ heeft het gebruik van en scholing in de meldcode meegenomen in haar reguliere toezicht. De resultaten van deze quickscan sluiten aan bij de bevindingen die de IGZ in 2014 deed. Er is meer aandacht voor de meldcode, maar de implementatie (waaronder scholing en het toepassen van de kindcheck) is nog onvoldoende gerealiseerd. De IGZ gaat in 2016 het toezicht op deze onderwerpen opnieuw inrichten, mede aan de hand van de in de quickscan beschreven ontwikkelingen.

 

Download hier het gehele rapport.

 

Bron: Ministerie van VWS

 

Reactie ActiZ jeugd

Dit onderzoek onder (huis)artsen vormt het eerste deel van de quickscan naar de meldcode. In het tweede deel wordt de quickscan uitgevoerd onder de andere beroepsgroepen in de gezondheidszorg, en de sectoren jeugdgezondheidszorg, maatschappelijke ondersteuning, jeugdzorg, onderwijs, kinderopvang en justitie. Dit tweede deel is in november 2015 gereed.

Zie ook ledenbericht: Quickscan meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling