28 augustus 2014Financiering

Vergoeding van de huisvestingscomponent bij overhevelingen naar gemeenten of Zvw

In de memorie van toelichting op de WLz staat in hoofdlijnen uitgewerkt hoe de vergoedingen uit het overgangsregime door VWS worden nagekomen indien productie overgaat naar de gemeente. Voor ActiZ leden betreft dit met name de GGZ-C cliënten. Daarnaast is inmiddels met de NZa besproken hoe de kapitaallastenvergoeding gaat lopen voor de eerstelijns verblijfszorg.

 

Overheveling naar gemeenten
De VNG heeft – in overleg met VWS – gecommuniceerd richting gemeenten dat de gemeente voor wat betreft intramurale zorg die vanaf 2015 door gemeenten worden uitgevoerd zij alleen het NHC-deel hoeven te vergoeden; zie hiervoor de toelichting van de VNG. Voor ActiZ-leden betreft het vooral GGZ-C cliënten In 2015 is de vergoeding vanuit gemeenten 50% van de NHC, 2016 70%, 2017 85% en vanaf 2018 100%. Het is verstandig dit goed in de gaten te houden bij het maken van afspraken met gemeenten – ook voor de komende jaren.

VWS zal het nacalculatie-deel blijven vergoeden. Voor 2015, 2016 en 2017 resp. 50%, 30% en 15% van de nacalculatie. Aangezien er geen wettelijke grondslag meer is op grond van de AWBZ/Wlz of Zvw om deze kapitaallasten te vergoeden, krijgt dit de vorm van een subsidieregeling. Aan deze regeling wordt momenteel gewerkt.

 

Overheveling naar de Zvw: eerstelijns verblijfszorg
Zoals eerder aangegeven komt er een nieuwe prestatie in de Zvw rond eerstelijns verblijfszorg. Wat betreft de vergoeding en overheveling van de kapitaallasten is het voorstel van de NZa om hier een GRZ-light variant voor te maken; dat wil zeggen dat de inkoop plaatsvindt met 100% NHC en dat achteraf in de Wlz de verrekening plaatsvindt conform de overgangsregeling voor kapitaallasten. Het verschil met de GRZ is dat niet vooraf wordt uitgevraagd over de te verwachten productie. Hierdoor zijn de administratieve lasten minder (light). Er wordt nu in eerste instantie 100% NHC vergoed (via de contractering) plus 50% van de nacalculatie, waarbij achteraf de verrekening plaatsvindt.

 

 

 

 

1-DSC_0066-001