20 februari 2015Werkgeverschap

Werknemers met ondernemerszin: een sprankelende combinatie

Ruimte geven aan medewerkers met veel ondernemerszin, die echter geen eigen baas willen worden. Met dat idee zijn in de branche VVT (verpleeghuizen, verzorgingshuizen en thuiszorg) pilots ondernemend werknemerschap gestart. De teams zijn ondertussen aan de slag. Lees over de ervaringen met ondernemend werknemerschap bij de twee deelnemende zorgorganisaties: ZZG zorggroep en de ZorgZaak. De pilots zijn in 2014 gestart als initiatief van branchevereniging ActiZ en de vakbonden CNV Publieke Zaak, FBZ en NU’91. De Hogeschool Utrecht begeleidt de pilots in samenwerking met de Universiteit van Tilburg. 

Het achterliggende idee

Op veel plekken in de ouderenzorg krijgen werknemers al ruimte om zelf (mede) te bepalen hoe het werk het beste kan worden ingericht en uitgevoerd. Je hoort veel over zelforganiserende  of zelfsturende teams. Er is daarnaast een groep medewerkers die nog een stapje verder wil gaan en nog grotere ambities heeft op het gebied van eigen verantwoordelijkheid, samenwerken, het bedenken van nieuwe mogelijkheden in zorg- en dienstverlening. Zij hebben een instelling die zo goed als overeenkomt met die van zelfstandige ondernemers, maar dan wel in een dienstverband bij een zorgorganisatie. In de pilots ondernemend werknemerschap wordt hiermee ervaring opgedaan.

Ondernemend werknemerschap sluit niet alleen aan op wat een toenemend aantal werknemers graag wil, het past ook prima bij ontwikkelingen in de zorg om samenredzaamheid en eigen regie van cliënten te vergroten. Ondernemende werknemers kunnen immers bij uitstek in direct gesprek met de cliënt en zijn omgeving afspreken en bewerkstelligen wat in elke specifieke situatie het beste bijdraagt aan gewenste kwaliteit van leven. 

Waarom pilots?

De pilots moeten inzichten opleveren die de branche helpen om verdere keuzes te maken rond mogelijkheden en voorwaarden van ondernemend werknemerschap. De pilots verschillen onderling naar wat er inhoudelijk precies gebeurt. Tegelijkertijd is er een aantal gemeenschappelijke vragen die de initiatiefnemers met de pilots beantwoord willen zien: 

Hoe kan ondernemend werknemerschap vorm worden gegeven op het gebied van:

  • Arbeidsinhoud: taakverandering, taakontwikkeling en bijbehorende scholing.
  • Arbeidsvoorwaarden: resultaatafspraken en ervaring met het in één totaalbedrag uitbetalen van een aantal arbeidsvoorwaarden, zoals toeslagen en eindejaarsuitkering. CAO-partijen hebben hiervoor ruimte geboden met van de CAO VVT afwijkende afspraken.
  • Arbeidsverhoudingen: afspraken en dialoog in de arbeidsrelatie over ruimte die de werknemer krijgt en de wijze waarop verantwoording wordt afgelegd.
  • Arbeidsomstandigheden: bijvoorbeeld het zelf vaststellen van werktijden in overleg met cliënten en collega’s; onderlinge taakverdeling met collega’s.
  •  

Daarnaast is er in de pilots aandacht voor het –zoveel als mogelijk is- in kaart brengen van effecten van ondernemend werknemerschap op (ervaren) kwaliteit van het werk, de zorg, en de organisatie. 

De pilot bij ZZG zorggroep: ondernemende werknemers in Gewoon Thuis

De pilot ondernemend werknemerschap is bij  ZZG zorggroep gekoppeld aan ‘Gewoon Thuis’. Gewoon Thuis is een nieuwe dienstverlening van ZZG zorggroep: cliënten bepalen in direct overleg met de ondernemende werknemer welke extra hulp en diensten gewenst zijn, naast de bestaande thuiszorg en de hulp van kinderen, familie en vrienden. 

Voorbeelden van diensten van Gewoon Thuis zijn:

  • (samen) boodschappen doen
  • ondersteunen bij het bereiden van maaltijden
  • meegaan naar het ziekenhuis
  • halen en brengen voor een bezoek aan familie of vrienden
  • helpen bij uitoefenen van hobby’s
  • het regelen van hulpmiddelen 

Er is in de pilot gestart met een groep van 10 ondernemende werknemers in de gemeente Wijchen en omstreken. De verantwoordelijke wijkverpleegkundige maakt samen met de medewerker Gewoon Thuis, de cliënt en zijn mantelzorger(s) afspraken welke extra  dienstverlening gewenst is. Vervolgens zorgt de medewerker Gewoon Thuis voor een goede uitvoering daarvan. De cliënt betaalt maandelijks een bedrag. Met dit abonnement worden de door de cliënt gekozen aanvullende diensten betaald. Medewerkers van Gewoon Thuis hebben de beschikking gekregen over een auto om hun werk uit te voeren. 

De pilot loopt nu ruim een half jaar. De eerste reacties van zowel medewerkers als cliënten zijn positief. Annie Klein Gunnewiek, projectleider Gewoon Thuis, vertelt: “De medewerkers ervaren een grote vrijheid.  De afwisseling van werkzaamheden ervaren de medewerkers als prettig. Na een autoritje met een cliënt, die tevreden en blij weer thuiskomt, worden ze zelf ook enthousiast omdat ze zien dat dit het welzijn van de cliënt bevordert.” 

De pilot bij de ZorgZaak: ondernemende werknemers in diverse teams

De pilot ondernemend werknemerschap wordt bij de ZorgZaak uit Hoogeveen opgepakt in vier  wijkteams. 

De ZorgZaak is ruim 20 jaren geleden begonnen als bemiddelingsorganisatie tussen cliënten met een zorgbehoefte en zelfstandige aanbieders in de (thuis)zorg. Tot een aantal jaren geleden waren de medewerkers dan ook niet in loondienst, maar zelfstandig ondernemers. Door wijzigingen in de wetgeving is dat sindsdien veranderd. Maar ondernemerschap en zelfstandigheid zit nog altijd in het DNA van de ZorgZaak, zoals ook blijkt uit hun motto: ‘aanpakkers in zorg & welzijn’. 

“De start van het project was interessant om te zien” vertelt Ruud Slot, zelf zorgondernemer en tevens directeur/eigenaar van de ZorgZaak. “Ten eerste om goed duidelijk te maken aan de collega’s wat het project inhield, maar ook om vervolgens de interesse te peilen en de teams te selecteren. We hebben daarbij echt benadrukt dat ze zelf er echt achter moesten staan.” De volgende fase was volgens Ruud minstens net zo bijzonder: “De vier teams moesten nu hun ideeën uitwerken. Die ideeën zelf waren er volop. Maar hoe maak je daaruit keuzes? En hoe verwoord je die goed op papier? Hoe werk je bovendien zo concreet mogelijk uit wat je nodig hebt, maar ook wat het gaat opleveren? Voor cliënten, het team, maar ook de organisatie als geheel? Daar zijn de nodige gesprekken aan besteed. En uiteindelijk heeft dit geleid tot ‘contracten’ tussen de teams en de organisatie.” 

Inmiddels zijn de vier teams onderweg. “Eén van de teams krijgt ruimte om voorstellen te ontwikkelen en uit te voeren die ertoe leiden dat minder zorguren nodig zijn om kwaliteit van leven bij cliënten te ondersteunen. In een ander team wordt met veel zelfstandigheid gewerkt aan versteviging  van de samenwerking met huisartsen en andere eerstelijnszorg. Het ene team is wat verder dan het andere.