VVT-Ondernemerschap

Zorgkantoor moet regie pakken en knopen doorhakken

Zorgorganisaties worden door de zorgkantoren van Achmea, CZ, Menzis en VGZ gevraagd voor deelname aan overleggen over extramuralisering. Daarin wordt gezamenlijk gesproken over de afbouw en de ombouw van intramurale capaciteit. Kartelwaakhond ACM geeft aan dat het nadrukkelijk niet de bedoeling is dat het zorgkantoor zijn regierol overdraagt aan aanbieders van zorg.

 

De ACM ziet grote risico’s als zorgaanbieders onderling overleg hebben of afspraken maken over de afbouw en ombouw van intramurale capaciteit. Zorgaanbieders kunnen hierbij geen beroep doen op de uitzonderingsgronden van de Mededingingswet. Dat blijkt uit een brief van de ACM (v/h de Nma) aan ActiZ van 31 juli 2014. De ACM spoort de zorgkantoren hun wettelijke taak te vervullen:  “Het is (..) uitdrukkelijk niet de bedoeling dat het zorgkantoor de regierol die hij heeft in naam van zijn cliënten overdraagt of delegeert aan de aanbieders van zorg.”

 

Zorgkantoren brengen de ontwikkelingen van de capaciteit in kaart. Daarbij gaat het niet alleen om de afbouw van de intramurale capaciteit, maar ook om de ombouw van deze capaciteit naar wooneenheden die geschikt zijn om zorg te verlenen. In het kader van deze inventarisatie verzoeken zorgkantoren (soms samen met gemeenten uit het betreffende werkgebied) aan zorgorganisaties om hun plannen voor de afbouw en de ombouw per locatie en werkgebied aan het zorgkantoor bekend te maken. De zorgkantoren willen na de inventarisatie met alle zorgaanbieders op dezelfde markt om de tafel, om waarborgen te vinden voor de kwaliteit van zorg (in termen van toegankelijkheid, continuïteit van zorg en een evenwichtige spreiding van voorzieningen) en om kapitaalvernietiging tegen te gaan. Zorgkantoren nodigen daartoe zorginstellingen uit om deel te nemen aan dergelijke overleggen. Een dergelijke dialoog is vanuit maatschappelijk oogpunt wellicht wenselijk, maar mededingingsrechtelijk is een dergelijk gesprek uiterst riskant. De dialoog leidt immers tot het uitwisselen van concurrentiegevoelige informatie en mogelijk tot marktverdelingsafspraken.

 

ActiZ heeft aan de ACM guidance gevraagd over hoe om te gaan met dergelijke verzoeken. ActiZ zag in haar eigen beoordeling nog wel ruimte om een beroep te doen op de wettelijke uitzondering van de Mededingingswet. De ACM komt echter tot de conclusie een van de voorwaarden voor deze uitzondering niet opgaat. De mededingingsbeperking  is volgens de ACM niet noodzakelijk, aangezien het zorgkantoor geacht wordt zijn wettelijke taak en verantwoordelijkheid te nemen.

 

ActiZ heeft richting ACM al haar teleurstelling uitgesproken over de summiere en oppervlakkige motivering. Zo vindt ActiZ o.a. dat voorbijgegaan wordt aan de praktijk waarin al jarenlang bij heikele onderwerpen rond concurrentie en samenwerking de inkopende partij de regierol niet pakt. Ook wordt in de analyse niet ingegaan op de werkelijke economische effecten terwijl we uit eerdere thuiszorgzaken weten hoe belangrijk het is die hierin te betrekken.

 

De ACM gaat deze opvatting ook uitdragen richting zorgkantoren. En ze gaat actiever informatie geven aan zorgkantoren en gemeenten voor wat betreft de inkoop. Zie bv. ACM geeft informatie aan gemeenten en zorgaanbieders over inkoop van Wmo zorg

1-DSC_0056-001

Michiel Kooijman