Voorzitter stuurgroep verantwoorde zorg Pieter Vos over branchebeeld VVT 2009De kwaliteit van zorg in verpleeg- en verzorgingshuizen en de thuiszorg is in 2009 voor het derde jaar op rij verbeterd. Dat blijkt uit het net uitgekomen Branchebeeld 2009 van het Kwaliteitskader Verantwoorde zorg. “De branche toont haar potentieel om te verbeteren en dat is heel positief,” aldus Pieter Vos. Pieter Vos, de nieuwe voorzitter van de stuurgroep Verantwoorde zorg geeft zijn mening over het branchebeeld 2009 en over mogelijkheden voor groei en verbeteringen voor de sector.
Vos is net aangetreden als nieuwe voorzitter van de Stuurgroep Verantwoorde zorg. In het dagelijks leven is hij algemeen secretaris van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ). Als voorzitter van de stuurgroep vindt hij met gepaste trots dat “de stuurgroep een successtory is. De VVT sector ligt wat kwaliteitsmeting betreft ruim voor op andere zorgsectoren.” Maar hij vindt zichzelf ook een buitenstaander. Als buitenstaander formuleert hij een aantal aanbevelingen voor de branche en de stuurgroep. Want al is de branche op de goede weg, er zijn wel verbeterpunten, waar de branche de komende jaren hard aan moet werken.
Verbeterpunten
Van een afstand bezien, ziet hij verbeterpunten op drie terreinen: zelfstandigheid van de cliënt, meer gebruik maken van de wetenschap en inzetten op preventie.
“De komende tijd zullen de VVT organisaties alles moeten inzetten op zo lang mogelijk zelfstandig wonen, ook wanneer de zorgvraag groter wordt,” betoogt Vos. “Dat betekent grotere investeringen van de verpleeg- en verzorgingshuizen in nieuwe vormen van dienstverlening: bijvoorbeeld zorg op afstand, e-health en andere technologische innovaties. Een veel voorkomende combinatie bij ouderen is alleen zijn en beginnende dementie. Het is de grote opgave voor de westerse wereld om daar een goed antwoord op te vinden.”
Wetenschap
Ook vindt Vos dat wetenschappelijke kennis te weinig wordt gebruikt in de verpleeg- en verzorgingshuizen. “Dat is vooral van belang bij dementie. In de VVT sector is weinig kennis over de werking van de hersens en de interactie tussen hersens en de omgeving. We kunnen veel leren van de neurologie en de neuropsychologie. Natuurlijk is een verpleeghuis geen ziekenhuis, maar met die wetenschappelijke kennis kun je de mensen met dementie ook in een verpleeg- of verzorgingshuis of thuis wel verder helpen.” Investeren in het binnenhalen van die wetenschappelijke kennis, is de aanbeveling.
Gezond leven
Het derde terrein waar grote winst te behalen valt, is gezond ouder worden, preventie dus. Vos verwijst naar het pleidooi voor preventie in de discussienota van de RVZ ‘Zorg voor je gezondheid!’ [link naar discussienota] Ook de VVT sector kan bijdragen aan het gezond ouder worden, meent Vos. “Bij de achterban van ActiZ zit ongelooflijk veel kennis over oud worden en oud zijn. Waarom zou je die kennis niet ter beschikking stellen aan de samenleving? Bijvoorbeeld in de vorm van consultatiebureaus voor ouderen, of een kenniscentrum in de wijk. Mensen in de leeftijd tussen 60 en 75 jaar maken nauwelijks gebruik van de gezondheidszorg. Lichte klachten kunnen ze zelf afhandelen of ze gaan naar de huisarts. Maar zij zijn wel gebaat bij preventie, aandacht voor leefstijl.” Een schone taak voor de branche.
Tot slot houdt Vos een warm pleidooi voor vernieuwing: als de bovenstaande thema’s worden aangepakt, heeft dat een positieve uitstraling op de branche. Daar hoort bij dat zorgondernemers keuzes maken. Niet het oude zorgaanbod laten bestaan naast het nieuwe, maar het vervangen.
Stuurgroep
Wat is nu de rol van de stuurgroep en het kwaliteitskader bij al deze verbeterpunten? Het veranderend perspectief op de gezondheidszorg: van zorg naar gezondheid en meer zelfstandigheid, zal ook zijn weerslag hebben op het kwaliteitskader. “Het jaar 2011 zie ik als een mogelijkheid om dingen voorzichtig in een ander perspectief te plaatsen,” formuleert Vos behoedzaam. Hij noemt drie voorbeelden.
Als eerste de ontwikkeling van een nieuw Kwaliteitsinstituut, een initiatief van voormalig minister van VWS Klink. Hoe dat er precies uit moet gaan zien, weet VWS ook nog niet. Maar het komt er wel en de Stuurgroep zal daarvan ook een onderdeel uit maken. Wat betekent dat voor de stuurgroep? “Dat je de zorg in de VVT sector niet in alle opzichten los kunt zien van andere vormen van zorg, zoals huisartsenzorg, diëtetiek, geestelijke gezondheidszorg. De stuurgroep zal binnen het kwaliteitsinstituut meer moeten gaan kijken naar de samenhang tussen al die vormen van zorg.”
Andere eisen
De nieuwe dynamiek van het zorgstelsel maakt dat de eisen aan het kwaliteitskader veranderen. Vos legt uit: “De zorgaanbieders hebben te maken met diverse ‘uitvragende’ partijen: zorgkantoren en –verzekeraars, de Inspectie voor Gezondheidszorg (IGZ), maar ook gemeenten, PGB-houders, burgers. Die hebben allemaal een eigen belang en een eigen vraag naar informatie.” De omgeving van die partijen stelt ook andere eisen. Het regeerakkoord stelt dat de IGZ anders moet opereren. Zorgverzekeraars gaan selectief inkopen. Burgers zullen, in het kader van de zelfredzaamheid, meer informatie zoeken. Dat stelt andere eisen aan het kwaliteitskader en de sector zal daarop moeten inspelen.”
Het kwaliteitskader is er niet alleen als handvat voor verbeteringen in de zorg, stelt Vos, maar heeft ook tot doel om de burger of de verzekeraars in staat te stellen om te kiezen, toe te zien en te handhaven. Het perspectief van de burger, daar houdt het kwaliteitskader nog te weinig rekening mee, vindt Vos. Hij citeert oud-politicus Pieter Winsemius: “In Den Haag, en ik reken de Stuurgroep nu ook even tot Den Haag, zou men meer de burger op het netvlies moeten hebben.” Ook daarin kan het kwaliteitskader nog groeien, besluit Vos.