Thuiszorgorganisaties hebben een lange traditie in gezondheidsbevordering en ziektepreventie. Deze taken krijgen extra belang in het betaalbaar houden van de zorg, zeker nu het AWBZ-budget onder druk staat. Toch zijn preventietaken in de afgelopen jaren voor een deel verloren gegaan door onder andere wijzigingen in indicatiestelling en financiering. ActiZ benadrukt het belang van preventie in de langdurige zorg: voor een toekomstbestendige zorg is het nodig dat minder mensen minder lang een beroep doen op langdurige zorg. Niet alleen in de thuissituatie, maar ook in verpleeg- en verzorgingshuizen. Daarom pleit ActiZ voor voldoende aandacht en financiële middelen voor preventie in de thuiszorg, verpleeg- en verzorgingshuiszorg.
Thuiszorgorganisaties hebben een groot en divers aanbod: van huisbezoeken tot groepsvoorlichting en van mantelzorgondersteuning tot preventieprogramma's. Bij de ontwikkeling en uitvoering van deze activiteiten werken thuiszorgorganisaties samen met diverse partners zoals huisartsen, GGD-en, ziekenhuizen en patiëntenorganisaties. Veel preventieprogramma's verbinden preventie en zorg. Dat betekent dat de financiering van een programma vaak uit verschillende bronnen komt; thuiszorgorganisaties en hun partners moeten hun geld bij elkaar ‘sprokkelen'.
Preventie in verpleeg- en verzorgingshuizen
Het is van belang om preventie intramuraal te stimuleren en ontwikkelen. Er valt ook voor cliënten in verpleeg- en verzorgingshuizen nog veel winst te behalen op het terrein van zelfredzaamheid, mobiliteit en kwaliteit van leven door het verbeteren van leefstijl en door vroegsignalering van fysieke en mentale problemen. Daarbij verdient ook de mantelzorgondersteuning meer aandacht, om te voorkomen dat mantelzorgers overbelast raken.
Randvoorwaarden
Ook in haar visie op toekomstbestendige langdurige zorg benadrukt ActiZ het belang van preventie en eigen verantwoordelijkheid van de cliënt. Sturen op gezondheid in plaats van op ziekte vereist een omslag in het denken voor belanghebbenden in de zorg. ActiZ vraagt aandacht voor de volgende randvoorwaarden om de sturing op gezondheid centraal te kunnen stellen.
- Gerichte ondersteuning voor de benodigde investeringen in (zorg)professionals in de care en publieke gezondheid om meer oog te krijgen voor en adequaat in te spelen op het voorkomen van ziekten.
- Beloning voor goed gedrag door (financiële) prikkels in te bouwen. Zo kunnen zorgaanbieders beloond worden voor minder in plaats van meer zorgproductie. Daarnaast kunnen zij gestimuleerd worden tot zorg die gericht is op het bevorderen van de zelfredzaamheid en zelfstandigheid.
- De preventieketen moet gesloten en geborgd worden. Met name de selectieve preventie, dat wil zeggen het opsporen van risicogroepen, is een zwakke schakel een de keten. Nu wordt selectieve preventie nog gefinancierd via het subsidieprogramma ‘preventiekracht dicht bij huis’ van ZonMw, maar na 2012 is geen structurele financiering geregeld.
Onderzoek
In 2009 hebben ook de Academische thuiszorgwerkplaatsen verdere invulling gekregen. Thuiszorgorganisaties verbinden in samenwerking met universiteiten en hogescholen praktijk en onderzoek met elkaar om onder andere de effectiviteit van de preventieactiviteiten te onderzoeken. Dat doen zij in zogenoemde Academische thuiszorgwerkplaatsen. De financiering van de werkplaatsen loopt van 2008 tot eind 2011.